
[Audio] Project industriële elektriciteit Les 1: Bedieningselementen en Stuurkring 1.
[Audio] Inhoud Inhoud 1. Stuurkring Inhoud 2. Bedieningselementen Inleiding Drukknop Stuurkring vs. Vermogenkring Onderdelen & Symbool Voordelen Stuurkring Montage & Aansluiting Draden Methodes Stuurkring Kleurcodes, Markering & Signaallamp Opbouw Noodstop Contactor Stopcategorie Transformator Uivoering Beveiliging Overige Codering Keuzeschakelaar Symbolen Microschakelaar Kleurcodes Eindeloopschakelaar Pedaalschakelaar 2.
[Audio] 1.1 Inleiding: Stuurkring vs. Vermogenkring Stuurkring vs. Vermogenkring Wat? Twee delen van de elektrische installatie Vermogenkring: (Hoog) Vermogen leveren aan de verbruiker (motor, verwarming, …) Stuurkring: Vermogenkring aansturen (Start/Stop, Noodstop, …) Hoe? Vermogenkring: 'Hoge' spanning Stuurkring: 'Lage' spanning (< 230 V) Voorbeeld? Driefasige motor aansturen (met Start/Stop + Noodstop + Thermische beveiliging: zie later) Vermogenkring Stuurkring 3.
[Audio] 1.1 Inleiding: Stuurkring – Voordelen Voordelen Stuurkring Veiliger: Stuurkring op lage spanning (bv. 24 V) Stuurkring Bediening contacten Onderhoud Flexibeler Bediening vanop afstand en/of meerdere plaatsen Mogelijkheid automatisering Goedkoper Componenten kleiner en minder robuust Minder slijtage Betrouwbaarder 4.
[Audio] 1.1 Inleiding: Stuurkring – Methodes Klassieke Methode Hoe? Moderne Methode Hoe? Enkel met contactoren Signalen drukknop/schakelaar naar PLC Zonder PLC, PILZ, … Uitgang PLC naar contactoren Voorbeeld? Voorbeeld? Vermogenkring Stuurkring 5.
[Audio] 1.2 Opbouw Stuurkring: Contactor (1) Contactor Wat? Elektrisch bediende schakelaar Aansluitingen? Bediening Symbool: A1, A2 Functie: Spoel bekrachtigen Hoofdcontacten Symbool: L = Line (voeding), T = Terminal (belasting) L1 – T1: 1, 2 L2 – T2: 3, 4 L3 – T3: 5, 6 Functie: Vermogenkring (hoge spanning, hoge stroom) Hulpcontacten Symbool 1e Nummer: 1, 2, 3, 4, … (volgordenummer contact) 2e Nummer NG: 1, 2 NO: 3, 4 Functie: Stuurkring 6.
[Audio] 1.2 Opbouw Stuurkring: Contactor (2) Contactor NO NG Contactor: Vertraging Hulpcontacten Zonder vertraging? Contact schakelt tezamen met de bediening Met vertraging? Vertraagd opkomend (On-delay) Wat? Contact schakelt met vertraging in, maar tezamen uit met de bediening Symbool? Contactor: Vierkant met kruis erin Contact: 'Parachute' die het inschakelen vertraagd Vertraagd Afvallend (Off-delay) Wat? Contact schakelt tezamen in met de bediening, maar met vertraging uit Symbool? Contactor: Vierkant vol zwart Contact: 'Parachute' die het uitschakelen vertraagd 7 Opmerking? De hoofdcontacten schakelen steeds zonder vertraging.
[Audio] 1.2 Opbouw: Transformator Transformator Wat? Apparaat dat wisselspanning aan de primaire zijde (𝑈𝑈1) omzet naar wisselspanning aan de secundaire zijde (𝑈𝑈2) m.b.v. twee spoelen (met 𝑁𝑁1, respectievelijk 𝑁𝑁2 wikkelingen) Toepassing? 𝑁𝑁2 ≠ 𝑁𝑁1: Verhogen/Verlagen van de spanning: 𝑈𝑈2 = 𝑘𝑘 � 𝑈𝑈1 met: 𝑘𝑘 = 𝑁𝑁2 𝑁𝑁1 Gescheiden wikkelingen: Secundaire zijde galvanisch scheiden van de primaire zijde Symbool? Twee mogelijkheden Transformator Gescheiden Wikkelingen Opmerking? Indien DC gewenst, moet de AC-spanning nog gelijkgericht worden: Gebruik bv. een 'SMPS' (Switched-Mode Power Supply) 8.
[Audio] 1.2 Opbouw: Beveiliging Thermisch magnetische beveiliging Wat? Thermisch: Overbelasting Magnetisch: Kortsluiting Waar? Vermogenkring Stuurkring 9.
[Audio] 1.3 Codering: Symbolen 1 3 1 3 4 2 4 2 1 3 A1 X1 P 4 2 A2 X2 Noodstop: Type Ontgrendelen Klemcodering Contacten Trekken Draaien Sleutelcontact NO: 3, 4 1 NG: 1, 2 1 1 Lampje: X1, X2 2 2 2 Contactor: A1, A2 10.
[Audio] 1.3 Codering: Kleurcodes – PE-geleider 11.
[Audio] 1.3 Codering: Kleurcodes – Nulgeleider Nulgeleider DC Stuurkring 12.
[Audio] 1.3 Codering: Kleurcodes – Elektrisch Schema Ook toegelaten L1: Bruin L2: Zwart L3: Grijs Ook toegelaten Zwart (indien er te weinig snoeren zijn) 13.
[Audio] 1.3 Codering: Kleurcodes – Afkortingen 14.
[Audio] 1.4 Voorbeeld: Start-Stop – Prioriteit Start Stuurkring Werking Voorwaarde? Start is dominant t.o.v. Stop: Stop Als beiden ingedrukt worden, start de machine Start Oplossing? Plaats de Stop (S0) in het overnamecontact Probleem? Onveilige situatie!! 15.
[Audio] 1.4 Voorbeeld: Start-Stop – Prioriteit Stop Stuurkring Werking Voorwaarde? Stop is dominant t.o.v. Start: Stop Als beiden ingedrukt worden, gebeurt er niets Start Oplossing? Plaats de Stop (S0) buiten (boven) het overnamecontact 16.
[Audio] 1.4 Voorbeeld: Links-Rechts Schakeling Stuurkring Werking Doel? Laat een motor in de ene of in de andere richting draaien Hoe? Details zie volgende les Beveiliging? K1 en K2 kunnen nooit tezamen bekrachtigd worden 17.
[Audio] 2.1 Drukknop: Onderdelen & Symbool Onderdelen Symbool NO: Normally Open (Normaal Open') contacten NC: Normally Closed (NG: Normaal Gesloten) het lichaam verzonken impulsdrukknop Achteraanzicht 18.
[Audio] 2.1 Drukknop: Montage. 2.1 Drukknop: Montage.
[Audio] 2.1 Drukknop: Aansluiting Draden – Types Aansluitingen Draden Types? Screw (Schroef) Faston Faston ('Vasthakend') Push in ('Vastklikkend') PCB mount (Printed Circuit Board) PCB mount Push in Referentie? https://benl.rs-online.com/web/c/switches/push-button-switches-components/push-button-contactblocks-light-blocks/?applied-dimensions=4294855857 Filter op: 'Terminal Type' 20.
[Audio] 2.1 Drukknop: Aansluiting Draden – Voorbeeld Drukknop: Voorbeeld Wat? ZBE-101 Terminologie? Screw Clamp: Schroefklem Te dunne draad: Kan slecht geklemd worden (of breken) Te dikke of te veel draden: Passen niet goed in de klem ZBE-101 Cable End conforming EN 60947-1: Adereindhuls conform norm Interpretatie? <= 2 x 1.5 mm2 with cable end Met adereindhuls: Max 2 draden van max 1.5 mm2 klemmen >= 1 x 0.22 mm2 without cable end Zonder adereindhuls: 1 of meer draden van min 0.22 mm2 klemmen 21.
[Audio] Te Kennen!! 2.1 Drukknop: Kleurcodes Algemene Functies Start Stop Waarschuwing Reset Noodstop Start (Aan) Opm: Rood niet nabij noodstop Stop (Uit) Start/Stop (Aan/Uit) Hold to Run Reset Noodstop Afwijkende Toestand 22 Te Kennen!!.
[Audio] 2.1 Drukknop: Markering 23. 2.1 Drukknop: Markering 23.
[Audio] 2.1 Drukknop: Signaallamp (1) Uitvoering Opbouw & Symbool Opbouw Symbool X1 P1 X2.
[Audio] 2.1 Drukknop: Signaallamp (2) Kleurcodes Uitvoering Situatie Kleur Gevaarlijke situatie Rood Abnormale situatie Geel Normale situatie Groen Ingrijpen noodzakelijk Blauw Neutraal Wit 25.
[Audio] Wooclap – Log In 26. Wooclap – Log In 26.
[Audio] Wooclap – NO Contact 27. Wooclap – NO Contact 27.
[Audio] Wooclap – Signaallamp 28. Wooclap – Signaallamp 28.
[Audio] Wooclap – Hold to Run 29. Wooclap – Hold to Run 29.
[Audio] 2.2 Noodstop Noodstop Noodstop Uitvoering? Doel? Schade of letsel voorkomen / beperken in geval van een incident Rode paddenstoelknop Eisen? Gele achtergrond Gevaarlijke beweging asap stoppen Sturing Dominant over alle andere sturingen Machine mag niet kunnen herstarten Manuele reset nodig Markering? 30.
[Audio] 2.2 Noodstop: Stopcategorie 0 31. 2.2 Noodstop: Stopcategorie 0 31.
[Audio] 2.2 Noodstop: Stopcategorie 1 32. 2.2 Noodstop: Stopcategorie 1 32.
[Audio] 2.2 Noodstop: Stopcategorie 2 33. 2.2 Noodstop: Stopcategorie 2 33.
[Audio] 2.2 Noodstop: Uitvoeringsvorm – Schakelaar Ontgrendelen: Trekken Ontgrendelen: Draaien Ontgrendelen: Sleutelcontact 34.
[Audio] 2.2 Noodstop: Uitvoeringsvorm – Noodstopkabel Uitvoering Tekening Symbool 35.
[Audio] 2.2 Noodstop: Uitvoeringsvorm – Self monitoring 36.
[Audio] 1.2 Noodstop: Wooclap – Stopcategorie 37.
[Audio] 2.3 Overige: Keuzeschakelaar (1). 2.3 Overige: Keuzeschakelaar (1).
[Audio] 2.3 Overige: Keuzeschakelaar (2) Zonder Sleutel Uitvoering? Met Sleutel Uitvoering? Types? Types? 39.
[Audio] 2.3 Overige: Microschakelaar. 2.3 Overige: Microschakelaar.
[Audio] 2.3 Overige: Eindeloopschakelaar Uitvoering Tekening & Symbool Tekening Symbool Stiftbediening Kantelbediening.
[Audio] 2.3 Overige: Pedaalschakelaar Uitvoering Zonder Beschermkap Tekening & Symbool Tekening Symbool Met Beschermkap 42.
[Audio] Project Industriële Elektriciteit Les 2: Karakteristieken Motoren en Vermogenkring 1.
[Audio] Inhoud 1. Karakteristieken van Motoren Bouwvorm Inbouwmaat Isolatieklasse Energie-Efficiëntieklasse 2. Vermogenkring Manieren Contactoren Aansluitingen Karakteristieken Gebruikscategorie Ster / Driehoek Aansluiten Schakeling 2.
[Audio] 1.1 Karakteristiek: Bouwvorm – Kenplaat Kenplaat: Voorbeeld Typenummer Fabrikant Afhankelijk van ster/driehoek: Lijnspanning: 𝑈𝑈𝐿𝐿 Lijnstroom: 𝐼𝐼𝐿𝐿 Norm: Draaiende Elektrische Machines Onafhankelijk van ster/driehoek: Vermogen, Arbeidsfactor en Toerental motor, indien aangesloten: Driehoek: 𝑈𝑈𝐿𝐿 = 400 V Ster: 𝑈𝑈𝐿𝐿 = 690 V Bouwvorm 3.
[Audio] 1.1 Karakteristiek: Bouwvorm – Norm (1) Bouwvorm: Norm Welke? IEC 60034-7 Hoe? Twee manieren Code 1 Machines: Enkel voor motoren met Lagerschilden; en Één vrij asuiteinde Codering: vb. 'IM B 3' IM: International Mounting (Internationale Montage) As: Cilindrisch met een vrij asuiteinde Montage: Horizontaal met voet naar beneden Letter (vb. 'B') Voetmontage: Met gesloten lagerschilden Één of twee cijfers (vb. '3') Code 2 International Mounting Machines: Voor alle type motoren Volledige beschrijving Mechanische montage Hoe kennen? Niet al de codes van buiten leren Gegeven? Schikking Tabel met codes en tekening van motor gegeven (maar zonder uitleg) Specificaties motor Codering: vb. 'IM 1001' Gevraagd? Codering motor International Mounting (Internationale Montage) Vier cijfers 4.
[Audio] 1.1 Karakteristiek: Bouwvorm – Code 2 (1) FF FT FT FF FF Code 2: IM + 4 Cijfers IM? International Mounting Code 2 As Hor. – Voet Onder 1e Cijfer? Montage 1: Voet gemonteerd As Vert. naar beneden 2: Voet en flens gemonteerd 3: Flens gemonteerd As Vert. naar boven 2e Cijfer? Type gaten flensmontage ('Flange' = Flens) 0: Gladde gaten (Steeds zo voor voetmontage) As Hor. – Voet Links (FF: Flange Free holes) 1 of 6: Getapte gaten (FT: Flange Tapped holes) As Hor. – Voet Rechts 1: Flensmontage met getapte gaten + Voetmontage (met gladde gaten) 6: Enkel flensmontage met getapte gaten As Hor. – Voet Boven 5.
[Audio] 1.1 Karakteristiek: Bouwvorm – Code 2 (2) FF FT FT FF FF Code 2: IM + 4 Cijfers 3e Cijfer? Oriëntatie as & voet Code 2 As Hor. – Voet Onder Horizontale As Vloermontage 0: Voet beneden As Vert. naar beneden Zijdelinkse montage 5: Voet links (kijkend volgens de as, naar de motor toe) 6: Voet rechts As Vert. naar boven Plafondmontage 7: Voet boven Verticale As 1: Aseinde naar beneden As Hor. – Voet Links 3: Aseinde naar boven 4e Cijfer? Type As As Hor. – Voet Rechts 1: 1 aseinde (Standaard) 2: 2 aseindes As Hor. – Voet Boven 3: Conische as D.E. Niet te kennen 4: Specia(a)l(e) aseind(en) 6.
[Audio] 1.1 Karakteristiek: Bouwvorm – Code 1 FF FT FT FF FF Code 1: IM + Letter + Cijfer(s) + Letter IM? International Mounting Code 2 As Hor. – Voet Onder Letter? Oriëntatie As B: Horizontaal As Vert. naar beneden V: Verticaal Cijfer(s)? Montage As Vert. naar boven Letter? Positie van de klemmenkast (Kijkend volgens de as, naar de motor toe) T: Top (standaard) As Hor. – Voet Links L: Links As Hor. – Voet Rechts R: Rechts Opmerking? Enkel de meest voorkomende As Hor. – Voet Boven motoren hebben een code 1 7.
[Audio] 1.2 Karakteristiek: Inbouwmaat – Kenplaat Kenplaat: Voorbeeld Typenummer Fabrikant Vermogen Norm: Draaiende Elektrische Machines Inbouw maat Bouwvorm 8.